Olympisch Comité wil politieke symbolen niet langer verbieden

Slogans, de vuisten omhoog, knielen: het moet straks allemaal kunnen op het podium.

 

Sinds Black Lives Matter begint en eindigt een sportwedstrijd steevast met knielende sporters die al dan niet een vuist in de lucht steken. Als je vindt dat ‘dat niet kan’ dan heb je een probleem, want dan heb je een mening die je niet wordt verondersteld te hebben, wegens niet politiek correct. En daar zit de angel. Wie bepaalt wat politiek correct is en wat niet?

Als straks een Palestijn op het podium de vuisten balt in een t-shirt met Palestinian Lives Matter dan zal de (mogelijks) Israëlische collega naast hem dat niet zo fijn vinden. Of wat dacht je van White Lives Matter, of Syrian Lives Matter?

Als het aan het Internationaal Olympisch Comité (IOC) ligt, moet het in de toekomst – in theorie – kunnen. Zij overwegen om ‘Rule 50’ van het olympisch charter te herbekijken. Daar staat: “Op olympische locaties en olympische stadions is geen enkele vorm van politieke, religieuze of raciale propaganda toegelaten.”

In de eerste maanden van volgend jaar hakt het IOC definitief de knoop door. Concreet: de atletencommissie van het IOC zal een rondvraag houden bij atleten overal ter wereld, verwacht wordt dat hun rapport in december bij het IOC komt en de spelregels helemaal duidelijk worden in het voorjaar van 2021.

Iedereen gelijk voor de wet? We zijn benieuwd, want de vrijheid van de een begint waar die van een ander eindigt.

Lees ook
Reacties
Laden...

This website uses cookies to improve your experience. We'll assume you're ok with this, but you can opt-out if you wish. Accept Read More