Kamerlid Freilich ziet mogelijk belangenconflict bij minister De Sutter

Op 1 oktober 2020 heeft minister Petra De Sutter de eed afgelegd als minister van Overheidsbedrijven en Ambtenarenzaken. Bij de eedaflegging zelf was er nog geen minister of staatssecretaris aangeduid voor de bevoegdheid telecom. Er was sprake dat deze bevoegdheid onder staatssecretaris Michel zou vallen, maar op 15 oktober werd een koninklijk besluit (KB) gepubliceerd waarin nog enkel bevoegdheidsverschuivingen waren te lezen. Niet staatssecretaris Michel, maar minister De Sutter werd bevoegd voor Telecom en Post.

Kamerlid Michael Freilich (N-VA) ziet hierin een potentieel belangenconflict. “Onder overheidsbedrijven valt uiteraard het overheidsbedrijf Proximus, maar tegelijkertijd zal mevrouw De Sutter dus ook de belangen moeten verdedigen van de andere telecomspelers als minister van Telecom.”

Het kamerlid stelde hierover een schriftelijke vraag aan de premier. De Croo: “Minister De Sutter is inderdaad bevoegd voor Telecommunicatie en Proximus. Zij zal zich, net als ikzelf toen ik dezelfde bevoegdheden had in een vorige regering, zo neutraal mogelijk opstellen en alles doen om elk mogelijk belangenconflict te voorkomen.”

Volgens de premier bestaat er bovendien voor telecommunicatie een onafhankelijke regulator, het BIPT. De Croo: “Staatssecretaris Michel heeft daarbij overigens de voogdij over de afdeling Telecommunicatie en Informatiemaatschappij binnen de directe reglementering in de FOD Economie en ten aanzien van het BIPT. Beleid en regulering zijn dus duidelijk gescheiden.” Het BIPT staat voor het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie. Het BIPT is de federale regulator die bevoegd is voor de markt voor elektronische communicatie, de postmarkt, het elektromagnetische spectrum van de radiofrequenties en radio- en televisieomroep in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Een advies van de Europese Commissie over de bevoegdheidsverdeling binnen de federale regering is volgens de premier niet vereist, gezien zich ook geen enkel probleem stelt in het licht van de hogere normen.

De Croo tot slot: “Er worden verder, zoals dit ook geldt voor ander bevoegdheden, tussen de bevoegde regeringsleden de nodige afspraken gemaakt over de exacte bevoegdheidsverdeling. Dit staat een goede werking allerminst in de weg.”

Lees ook
Reacties
Laden...

This website uses cookies to improve your experience. We'll assume you're ok with this, but you can opt-out if you wish. Accept Read More