Iraanse geheime dienst achter ‘geruchten’ over echtgenoot Darya Safai?

Op 4 maart verscheen op de voorpagina van De Morgen een artikel met als titel: ‘Opnieuw geval van visafraude? Staatsveiligheid waarschuwt voor echtgenoot Darya Safai’. Later op de dag werd de titel digitaal aangepast naar ‘(…) Staatsveiligheid waarschuwt voor geruchten rond echtgenoot Darya Safai’. Naast het artikel staat een grote foto van Safai en haar echtgenoot, en in de rechterbovenhoek staat een stempel met daarop ‘De Iran-visa: een onderzoek van De Morgen’.

Kamerlid Safai (N-VA) reageerde vandaag ontzet op Facebook. Safai: “Het artikel spreekt van een nota van Staatsveiligheid die staatssecretaris Sammy Mahdi midden februari 2021 zou hebben binnengekregen. In de nota zouden “geruchten” vermeld staan over mijn echtgenoot, Saeed Bashirtash. Mahdi maakte van deze geruchtennota melding bij het federaal parket. Meer bepaald zou het gaan over “geruchten” rond de humanitaire visa van zes Iraanse families (veertien personen) die in september 2020 via de Turkse ambassade werden aangevraagd en tegen januari 2021 werden goedgekeurd door de Dienst Vreemdelingenzaken. Mijn echtgenoot hielp deze personen (die net als wij gevlucht zijn voor het Iraanse schurkenregime) door hun advocaten- en administratiekosten op zich te nemen, wat uiteraard volstrekt legaal is.”

“Het honorarium van de advocaat, meester Bautier, werd volledig door Saeed betaald. Twee van de veertien personen betaalden later het administratieve gedeelte van de kosten terug. Ook wat dat betreft stelt zich geen enkel legaal probleem. De dossiers van vier andere families op de vlucht voor het regime (twaalf personen) waar Saeed hulp aan wilde bieden, werden voorlopig stilgelegd door staatssecretaris Mahdi.”

“Dat mijn echtgenoot zich het lot aantrekt van Iraniërs in ballingschap hoeft niet te verbazen. Al van in onze tijd in Iran streed hij tegen het islamistisch dictatoriaal regime van Ayatollah Khameini. In 1999 protesteerde ik samen met hem en honderdduizenden anderen in de straten van Teheran, tegen dit dictatoriaal regime. Ik werd naar aanleiding van dat protest gevangen genomen en bracht ongeveer een maand in de cel door. Saeed leefde ondergedoken. Toen ik uiteindelijk vrij werd gelaten (de Iraanse inlichtingendiensten hoopten dat ik hen naar Saeed zou leiden), slaagden we erin het Iraanse regime te ontvluchten en via Turkije in België te geraken, en dit door humanitaire hulp. Tot op de dag van vandaag ben ik ontzettend dankbaar dat we hier in alle vrijheid ons leven hebben mogen heropbouwen.”

“Het is geen geheim dat Saeed en ik ons ook vandaag nog steeds geregeld kritisch uitlaten over het Iraanse regime. Wij laten ons de mond niet snoeren. Hoewel we ons hier in Vlaanderen ondertussen volledig thuis voelen, blijft het vanzelfsprekend een droom om Iran ooit bevrijd te zien van de politieke islam en in alle vrijheid een bezoek te kunnen brengen aan de dierbaren die we er moesten achterlaten.”

“Dat er allerlei valse geruchten over mijn echtgenoot en mezelf worden verspreid met de bedoeling ons te beschadigen, komt dus niet meteen als een grote verrassing. Het is een standaard modus operandi van de Iraanse geheime diensten om schadelijke geruchten te verspreiden over kritische stemmen in ballingschap, in de hoop ze zo het zwijgen op te leggen. Het is een gegeven waar we ondertussen mee hebben leren leven.”

“Dat op basis van die “geruchten” nu ook tendentieuze artikels op de voorpagina van een Vlaamse krant verschijnen, is echter wél nieuw. Toen ik donderdag de titel van het artikel in De Morgen las, dacht ik even dat het een Nederlandse vertaling betrof van een artikel uit de Iraanse regimepers. Nog straffer werd het toen op basis van die geruchten ook de partij waar ik mij politiek voor engageer (N-VA) meteen mee in bad werd gesleurd, hoewel mijn echtgenoot niet eens lid is. Het doet bijna vermoeden dat er politieke motieven hebben gespeeld bij het opstellen van het artikel. De vreemde formulering van de titel op zich (“opnieuw geval van visafraude”, alsof dit ook maar iets te maken heeft met die “andere visa-affaire”, en “echtgenoot van Darya Safai”) doet al spontaan de wenkbrauwen fronsen. Bovendien associeerde De Morgen ons in het artikel maar liefst zes keer met de naam van Melikan Kucam, terwijl mijn echtgenoot mensen net financieel geholpen heeft om een schurkenstaat te helpen ontvluchten.”

“Maar pas écht verontwaardigd was ik toen Saeed en ikzelf op 4 maart van een kennis uit de VS vernamen dat hij gecontacteerd was door een journalist van De Morgen, om bepaalde geruchten al dan niet te confirmeren. De kennis leverde ons bewijs dat hij De Morgen erop had gewezen dat het valse berichten betrof vanwege het Iraanse regime. Uit de berichten die mij werden bezorgd blijkt zelfs dat de krant er zich van bewust was dat dit wel eens te maken zou kunnen hebben met onze luide stem rond de zaak van veroordeeld terrorist en diplomaat Assadi en het lot van dokter Djalali. Maar vreemd genoeg wordt op geen enkele manier in het artikel weerspiegeld dat zelfs maar de mogelijkheid bestaat dat de “geruchten” wel eens zouden verspreid kunnen zijn door het Iraanse regime of dat er op zijn minst politieke motieven achter schuil zouden kunnen gaan. De krant schrijft enkel dat op sociale media “moeilijk verifieerbare profielen” wijzen op mogelijke mistoestanden, om vervolgens al de geruchten breed uit de doeken te doen.”

“In alle eerlijkheid ben ik geshockeerd door de manier waarop De Morgen deze geruchten een megafoon heeft geboden. Door deze onbesuisde berichtgeving werd aan mijn echtgenoot en mezelf enorm veel schade toegebracht. Als journalisten onbetrouwbare bronnen gebruiken om op de voorpagina een verhaal te fabriceren teneinde een politica met fraude te kunnen associëren, dan is iedere journalistieke deontologie overboord gesmeten. Wat denkt de hoofdredacteur van zulke praktijken? En hoe zal hij die rechtzetten?”

“Ondertussen heb ik begrepen dat PS-fractieleider Ahmed Laaouej de samenkomst vraagt van de commissie Binnenlandse Zaken, om staatssecretaris Sammy Mahdi over de nota te ondervragen. Ik verwelkom dit initiatief, en zou dan ook graag vernemen van meneer Mahdi of zijn kabinet al dan niet proactief over deze nota van Staatsveiligheid gecommuniceerd heeft richting De Morgen. Ik mag hopen dat staatssecretaris Mahdi niet zelf naar De Morgen is gestapt met die nota van staatsveiligheid, in de hoop mij te kunnen beschadigen. Hoe kwalijk zou het zijn dat een staatssecretaris een Kamerlid van de oppositie schade tracht te berokkenen op basis van een geruchtennota die gespekt is met leugens vanuit het Iraanse regime?”

“Ik ben een land ontvlucht waar de pers in opdracht van de regering opposanten kapot schrijft. Laat het alstublieft niet waar zijn dat ik opnieuw in zo’n land ben terecht gekomen.”

Mahdi reageerde al op Twitter. Hij vond de allusie van Safai niet aangenaam en wees de beschuldiging van de hand.

 

Lees ook
Reacties
Laden...

This website uses cookies to improve your experience. We'll assume you're ok with this, but you can opt-out if you wish. Accept Read More